Beroemde Slovenen



Primož Trubar (1508–1586) Protestants geestelijke

Primož Trubar was de leider van de Protestantse hervorming in Slovenië en de oprichter van de Sloveense theologie. Als vicaris, predikant en superintendent van de Sloveense protestantse kerk, richtte hij een kostschool en de eerste openbare bibliotheek in Ljubljana op. Trubar schreef het eerste gedrukte boek in de Sloveense taal (1550) en richtte naar aanleiding hiervan de ‘Stichting voor de Sloveense literatuur’ op.

Jacobus Gallus (1550–1591) Componist

Jacobus Gallus, een toonaangevende componist uit de 16e eeuw, werd opgeleid in de verschillende kloosters in Centraal-Europa en begon zijn muzikale carrière in Wenen. Later werkte hij voornamelijk in Praag, waar hij kapelmeester was aan de kerk van St. Jan. Hij was een erkend en zeer gerespecteerd componist in zijn tijd. Zijn opus bestaat uit zestien Missen in vier delen. Hij zette liturgische en Bijbelse teksten op muziek in 374 motetten. Met zijn collectie Opus Musicum behoort hij tot de belangrijkste Europese componisten van motetten.

Janez Vajkard Valvasor (1641–1693) Veelzijdig geleerde

Janez Vajkard Valvasor was een edelman, een veelzijdig geleerde en een voorbode van de Sloveense Verlichting. Valvasor studeerde natuurwetenschappen aan verschillende Europese universiteiten. Zijn onderzoeken en beschrijvingen over het periodieke meer van Cerknica (Cerkniško jezero) wekte zoveel aandacht, dat hij lid werd van de Royal Society in Londen. Valvasor was bezorgd dat buitenlanders zijn thuisland Hertogdom Krain (belangrijkste kroonland van het Habsburgse Rijk) niet goed kende, daarom schreef hij zijn meesterwerk "Glory of the Duchy of Carniola" (15 delen, 528 illustraties), een echte encyclopedie van de Sloveense natuurwetenschap, gewoonten en folklore, geschiedenis en topografie. Zijn standbeeld staat op het Valvasor-plein, aan de voorkant van het Natuur Historisch Museum in Ljubljana.

Jurij Vega (1754–1802) Wiskundige

Jurij Vega is de belangrijkste wiskundige uit de Sloveense geschiedenis en auteur van verschillende leerboeken voor de hogere wiskunde. In Ljubljana was hij betrokken bij de regulatie van de rivieren Sava en Ljubljanica. Op de school voor artillerieofficieren raakte hij naast wiskunde en natuurkunde geïnteresseerd in geodesie, ballistiek en ballonvaren. Hij was een fervent soldaat die vocht tegen de Ottomaanse Turken, de Pruisen, en Fransen. Voor zijn verdiensten verkreeg hij de titel van Baron.

France Prešeren (1800–1849) Dichter

France Prešeren was/is de grootste dichter van Slovenië. Al meer dan 150 jaar wordt Prešeren beschouwd als het hoogtepunt van de Sloveense cultuur en wordt gezien als een nationale held die de Sloveense taal moderniseerde, waarbij hij de Slovenen deed doen verlangen naar nationale en politieke onafhankelijkheid. Zijn gedicht ‘Zdravljica’, op muziek omgezet als nationaal volkslied van Slovenië, presenteert een visie op gelijkheid en vriendschappelijke co-existentie tussen de wereldnaties. De dag van Prešeren's overlijden (8 februari) wordt herdacht als een nationale feestdag.

Jožef Stefan (1835–1893) Natuurkundige

Jožef Stefan werd geboren op 24 maart 1835 in een buitenwijk van het dorp St. Peter (nabij Klagenfurt) in het Oostenrijks-Hongaarse rijk (nu Oostenrijk). Zijn vader Aleš Stefan en moeder Marija Startinik waren beiden etnische Slovenen, waardoor hij Sloveenstalig werd opgevoed. Jozef Stefan was de meest prominente natuurkundige uit de Sloveense geschiedenis. De wet van Stefan-Boltzmann en de Constante van Stefan-Boltzmann zijn naar hem genoemd. Het grootste onderzoeksinstituut van Slovenië is naar hem vernoemd: het Jožef Stefan-instituut in Ljubljana. Vanwege zijn Sloveense gedichten wordt hij in Slovenië behalve als wetenschapper ook als dichter geëerd.

Jakob Aljaž (1845–1927) Alpinist

Aljaž werd geboren in een klein dorpje Zavrh pod Šmarno Goro, ten noordoosten van Ljubljana, in wat toen het Oostenrijks-Hongaarse rijk was. Hij was een priester en succesvol componist, zanger en dirigent. Daarnaast was Aljaž een van de grondleggers van het moderne alpinisme in Slovenië. Toen hij in 1889 pastoor van Dovje werd (aan de voet van het Triglav-massief), kocht hij van de gemeente de top van Triglav. Triglav (2864m) is de hoogste berg in de Julische Alpen en daarmee tevens in Slovenië. Met deze daad wilde hij een symbolisch einde maken aan de Germanisering van de Sloveense Alpen, waar vele berghutten in handen van de Duitstalige alpinistenvereniging waren. Hierna werd hij bekend door de bouw van vele nieuwe berghutten in de Julische Alpen, waardoor de bergsport in Slovenië werd bevorderd. Zijn veruit meest bekende bouwwerk is Aljažev Stolp, gebouwd op de top van Triglav. Hij heeft er tevens voor gezorgd dat er wandelpaden werden aangelegd, waardoor meer bezoekers toegang kregen tot de bergen.

Julius Kugy (1858–1944) Alpinist

Julius Kugy was een jurist, schrijver en prominent bergbeklimmer van de Sloveense herkomst. Hij schreef voornamelijk in het Duits. Hij is bekend om zijn reisverhalen uit de Julische Alpen, waarin hij nadacht over de relatie tussen mens, natuur en cultuur. Gedurende zijn hele leven verzette hij zich tegen concurrerende nationalistische ideologieën in het noordelijke Adriatische Zee gebied door aan te dringen op de noodzaak van vreedzame co-existentie tussen de Slavische, Italiaanse en Duitse volkeren. Kugy wijdde het grootste deel van zijn leven aan bergbeklimmen in de Julische Alpen, waar hij meer dan 50 nieuwe routes ontdekte en markeerde. Lokale gidsen hielpen hem met het beklimmen van nog nooit eerder bedwongen pieken in de Julische Alpen. Hij werd beroemd door het beklimmen van Škrlatica en Jof di Montasio (Montaž). Samen met zijn vriend Albert Bois de Chesne creëerde hij een Alpine botanische tuin in de buurt van Bovec. Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft Kugy verschillende Sloveense bergbeklimmers gered uit het concentratiekamp Dachau. Hij stierf in Triëst in 1944, waar hij tevens begraven is.

Ivana Kobilca (1861–1926) Kunstenares

Ivana Kobilca was de belangrijkste Sloveense schilderes en vertegenwoordigde de generatie van de Sloveense realisten. De schilderijen van Ivana Kobilca worden tentoongesteld in alle belangrijke galerieën in Europa.

Fritz Pregl (1869–1930) Scheikundige

Fritz Pregl was een Sloveens Scheikundige, geboren op 3 september 1869 in Laibach (Ljubljana). Erkenning voor zijn werk werd voor het eerst beloond met de Richard Lieben Award voor Chemie van de Universiteit in Wenen (1914), een eredoctoraat in de filosofie aan de Universiteit van Göttingen (1920), in 1921 werd hij verkozen tot corresponderend lid van de Academie van Wetenschappen in Wenen. De grootste en meest onverwachte eer was de toekenning van de Nobelprijs voor de Scheikunde van de Zweedse Academie van Wetenschappen in 1923. Professor Olof Hammarsten, de voorzitter van het Nobelcomité in die tijd, wees erop dat de prijs niet werd uitgereikt voor de ontdekking van iets nieuws, maar voor het wijzigen en verbeteren van bestaande methoden.

Rihard Jakopič (1869–1943) Kunstenaar

Rihard Jakopič, Sloveniës meest toonaangevende impressionistische schilder en theoreticus, studeerde aan de Weense Academie, de Ažbe Art School in München en de Hynais kunstacademie in Praag. In Ljubljana richtte hij de Sloveense School voor impressionistisch Tekenen en Schilderen op (de voorganger van de Academie voor Beeldende Kunsten) en bouwde een paviljoen in Tivoli Park dat als centrale plek voor kunsttentoonstellingen in Slovenië fungeerde. Meer dan 1200 schilderijen en 650 tekeningen van Jakopič zijn bewaard gebleven.

Jože Plečnik (1872–1957) Architect

Jože Plečnik, de grootste architect van Slovenië, behaalde een prominente plaats in de wereld van de architectuur. Hij studeerde aan de Weense Academie der Schone Kunsten, doceerde aan de Praagse School en doceerde aan de Technische Faculteit in Ljubljana. In 1921 benoemde de Tsjecho-Slowaakse president Tomáš Masaryk hem tot architect van de Praagse Burcht. De invloed die hij uitoefende op de ontwikkeling van Ljubljana is zodanig dat er vaak gesproken wordt over "Plečnik's Ljubljana" (een aantal van zijn bouwwerken zijn de boulevards langs de Ljubljanica-rivier, de Tromostovje-brug, de hoofdmarkt, de Franciscaanse kerk in Šiška, begraafplaats Žale, openluchttheater Križanke, de Nationale en Universiteitsbibliotheek). Hij ontwierp ook kerken en andere gebouwen in geheel Slovenië en het voormalige Joegoslavië, alsmede meubels, lampen, en liturgische voorwerpen. Jaarlijks wordt de Plečnik Award uitgereikt voor de grootste prestaties op het gebied van de architectuur.

Ivan Cankar (1876–1918) Schrijver

Ivan Cankar was de grootste Sloveense schrijver van korte verhalen en toneelstukken en een universele vertegenwoordiger van het Sloveense Modernisme. Cankar was aan het eind van de 19e eeuw één van de belangrijkste Europese schrijvers en sprak zich sterk uit over sociale, nationale en morele kwesties.

Leon Štukelj (1898-1999) Atleet

Štukelj werd geboren in Novo Mesto in het toenmalige Oostenrijks-Hongaarse rijk (nu Slovenië). Hij is een man van grote naam in de Sloveens sportgeschiedenis. Štukelj is één van de weinige Sloveense atleten die in de atletiek naar top steeg en waar hij verbleef vanaf het WK in Ljubljana in 1922 tot aan de Olympische Spelen van Berlijn in 1936. Štukelj nam deel aan zeven grote internationale wedstrijden en veroverde totaal zeventien medailles: acht gouden, vier zilveren en vijf bronzen. Op de Olympische Spelen hij won zes medailles: twee gouden medailles in Parijs in 1924, één gouden en twee bronzen medailles in Amsterdam in 1928, en één zilveren medaille in Berlijn in 1936. In 1997 werd Štukelj opgenomen in de ‘International Gymnastics Hall of Fame’.

Ita Rina (1907–1979) Actrice

Ita Rina werd geboren op 7 juli 1907 in Divača (toen destijds het Oostenrijks-Hongaarse keizerrijk, later Joegoslavië, nu Slovenië) als Italina Lida Kravanja. Kort na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, verhuisde het gezin naar Ljubljana. Het was altijd haar droom geweest om een actrice te zijn. In 1927 ging Rina naar Berlijn. Kort daarna deed ze haar eerste auditie. Ze maakte haar debuut in 1927 in de film “What do children hide from their parents” geregisseerd door Franz Osten. In 1928 werd ze eindelijk ontdekt door de critici in de film ‘The last Supper’. Datzelfde jaar ontmoette Rina haar toekomstige echtgenoot Miodrag Djordjevic. Haar grote doorbraak kwam het jaar daarop in de film ‘Erotikon’ geregisseerd door Gustav Machaty. Ze kreeg de hoofdrol in de toonaangevende vrouwelijke rol, Andrea. In 1930 acteerde Rina in drie films, waarvan de Tsjechische film ‘Tonka Šibenice’ de mooiste was, aangezien vaak wordt gezegd dat dit haar beste rol was. Ondertussen trouwde zij in 1931 met Miodrag Djordjevic. Datzelfde jaar kreeg Rina een aanbieding om in Hollywood te acteren, maar haar man dwong haar te kiezen tussen haar carrière en hun huwelijk;. Rina koos ervoor om bij hem blijven. Ita Rina was de eerste en enige ‘echte’ Sloveense filmster.

Slavko Avsenik (1929–heden) Muzikant

Slavko Avsenik is een Sloveens componist en muzikant. Avsenik is de grondlegger van de Sloveense volksmuziek en oprichter van het wereldberoemde 'Ansambla bratov Avsenik', ook wel 'Slavko Avsenik und seine Original Oberkrainer' genoemd. De naam Oberkrain is afkomstig uit het Duits en verwijst naar de Sloveense regio Gorenjska, waar Avsenik vandaan komt. In veertig jaar tijd werd Avsenik's muziek een voorbeeld voor de etnische muziek van Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en de Benelux-landen. De verkoop van meer dan 30 miljoen albums wereldwijd, heeft hem 31 Gouden, 2 Diamanten en 1 Platinum album opgeleverd. Daarnaast werd het ensemble in de Verenigde Staten bekroond met de titel Polka Kings of the World en in Duitsland bekroond met de Schalllplattenpreis. Daarmee kan hij oprecht de Mozart of Strauss van de twintigste eeuw worden genoemd. Het meest gespeelde/gedraaide nummer van Avsenik is ‘Na Golici’.

Jože Pučnik (1932–2003) Politicus

Jože Pučnik was een prominent Sloveens publiek intellectueel, socioloog en politicus. Tijdens het communistische regime van Josip Broz Tito, Pučnik was één van de meest uitgesproken critici van de Sloveense dictatuur en het ontbreken van burgerlijke vrijheden in het voormalige Joegoslavië. Hij werd voor zeven jaar gevangen en vervolgens gedwongen in ballingschap gezet. Na zijn terugkeer naar Slovenië eind jaren ‘80, werd hij de leider van de Democratische Oppositie van Slovenië, een platform van democratische partijen dat de communisten versloeg in de eerste vrije verkiezingen in 1990. Hij introduceerde vervolgens in Slovenië een democratisch systeem en een markteconomie. Tijdens zijn jaren van ballingschap hield hij contact met een aantal belangrijke kritische intellectuelen in Slovenië, in het bijzonder met Ivo Urbančič. Pučnik overleed in Duitsland in 2003 en werd begraven in zijn geboortedorp Črešnjevec. Zijn begrafenis werd bijgewoond door een enorme menigte. De lofrede werd geleverd door zijn beste vriend Ivo Urbančič. Samen met France Bučar en Milan Kučan, wordt Pučnik beschouwd als één van de vaders van het onafhankelijke Slovenië. In 2007 heeft de Sloveense regering de belangrijkste internationale luchthaven van Slovenië naar hem vernoemd: Letališče Jožeta Pučnika (Ljubljana Airport).

Miroslav Cerar (1939-heden) Turner

Miroslav Cerar, geboren in Ljubljana, werd erkend over de hele wereld voor zijn beheersing van de voltigeerpaard. In zijn thuisplaats ontdekte hij de wereld van gymnastiek en zou vervolgens een verbazingwekkende carrière maken in het Joegoslavische mannengymnastiek. Cerar was de allround kampioen van Joegoslavië, die zijn eerste titel bij de junioren in 1956 behaalde. Hij won het nationale kampioenschap 13 keer en werd negen keer geëerd als de beste allround atleet in Joegoslavië. Op het WK in Moskou in 1958 won hij zijn eerste WK-medaille (brons) op het voltigeerpaard. In de gehele looptijd van zijn internationale carrière won hij 10 gouden EK-medailles (21 totaal), 6 gouden WK-medailles en 2 gouden Olympische medailles. Zijn laatste gouden medaille, weer op het voltigeerpaard, won hij op het WK in 1970 in zijn woonplaats Ljubljana. In 1999 werd Cerar opgenomen in de ‘International Gymnastics Hall of Fame’.

Bojan Križaj (1957-heden) Alpineskiër

Križaj, geboren in Kranj, begon al te skiën op driejarige leeftijd. In 1976-1977 kreeg hij zijn eerste Wereldbekerpunt, kwalificeerde zich bij de 15 beste slalomskiërs en haalde zijn eerste podiumplaats (3e) in Madonna di Campiglio. Op 20 januari 1980 behaalde hij de eerste Sloveense Wereldbekeroverwinning in Wengen (Zwitserland). Later haalde hij nog zeven overwinningen binnen; daarmee is hij de meest succesvolle mannelijke Sloveense alpineskiër ooit.

Rok Petrovič (1966–1993) Alpineskiër

Petrovič behaalde zijn eerste succes tijdens het WK Junioren in Sestriere, waar hij het hoogste podium behaalde. Hierna steeg hij snel op de Wereldbekerlijst. Tijdens het WK-seizoen 1985-1986 was hij vrijwel onverslaanbaar op de slalom. Dat seizoen won hij vijf races, een tweede plaats in St. Anton en derde plaats in Geilo. Petrovič won zonder moeite de titel op de Wereldbeker slalom en werd daarmee de eerste Sloveense skiër met een Crystal Globe. Het jaar na de titelwinst kreeg Petrovič zijn winnende vorm niet terug, waardoor hij dat jaar slechts een tweede plaats achter zijn teamgenoot Bojan Križaj behaalde in een onvergetelijke race in Kranjska Gora. Hij eindigde als achtste op de reuzenslalom tijdens de Olympische Winterspelen van 1988. Wegens gebrek aan overwinningen stopte hij in 1988 met skiën en begon een studie aan het College van Sport in Ljubljana.

Mateja Svet (1968-heden) Alpineskiester

Mateja Svet is een voormalig Sloveense alpineskiester. Ze debuteerde in het seizoen van 1983/1984 en won in 1986 de eerste vrouwelijke Sloveense skioverwinning ooit. Haar beste seizoen was 1987/1988 toen ze de titel in Wereldbeker reuzenslalom won. Op de Olympische Winterspelen in Calgary veroverde Svet zilver op de reuzenslalom. In haar korte carrière (ze stopte toen ze 22 jaar was) had ze zeven WK overwinningen, 22 podiumplaatsen en stond 54 keer in de top 10.

Iztok Čop (1972-heden) Roeier

Čop, geboren in Kranj, begon zijn carrière als 13-jarige jongen bij de roeiclub in Bled, wat bekend staat als beste roeiclub van Slovenië. Oorspronkelijk roeide hij op de ‘twee zonder’, waarmee hij zilver op het WK in 1991 en brons op de Olympische Spelen van Barcelona in 1992 won. Dit was de eerste Olympische medaille voor Slovenië sinds de onafhankelijkheid in 1991. Vervolgens ging hij roeien in de "skiff", waarmee hij goud won op het WK 1995. Op de Olympische Spelen van Atlanta in 1996 werd hij vierde (ook in de skiff). Vervolgens ging hij samen met Luka Špik op de "dubbelskiff" varen, met wie hij het WK 1999 won en goud behaalde op de Olympische Spelen van Sydney in 2000. (De eerste gouden Olympische medaille voor Slovenië sinds de onafhankelijkheid)

Špela Pretnar (1973-heden) Alpineskiester

Špela Pretnar, geboren in Kranj, is een voormalig alpineskiester. In haar carrière won Pretnar zes afdalingen in de Wereldbeker Alpine Skiën; totaal behaalde zij 13 podiumplaatsen. In 1999/2000 won ze de 'Crystal Cup' in de categorie slalom. Pretnar werd in 2000 benoemd tot Sloveense sportvrouw van het jaar. In 2002 vertegenwoordigde ze Slovenië op de Olympische Winterspelen, maar helaas haalde ze er geen podiumplaats.

Dejan Zavec (1976-heden) Bokser

Dejan Zavec is een Sloveens professioneel bokser, die sinds december 2009 tot september 2011 titelhouder was van de IBF Weltergewicht. Zavec bokst onder de naam Jan Zaveck. Zijn professionele record bevat 34 gevechten: 31 overwinningen (18 knock-outs), 2 verliezen en 1 no-contest. Zavec is de enige Sloveense bokser aller tijden die ooit wereldkampioen boksen werd. In december 2010 werd hij uitgeroepen tot de Sloveense Sportman van het jaar.

Denis Novato (1976–heden) Muzikant

Denis Novato (1976) is een Sloveense accordeonspeler en muziekleerkracht. In 1998 werd hij wereldkampioen in het spelen van de diatonische accordeon. Op het moment geeft hij wereldwijd optredens, waaronder in de Verenigde Staten, Oostenrijk, Italië, Zwitserland, Rusland, Dubai en de Benelux-landen. Novato treedt tevens met regelmaat op met het beroemde Oostenrijkse ensemble 'Die Mooskirchner'. Zijn bekendheid en geweldige manier van spelen heeft er voor gezorgd dat de Oostenrijkse muziekfabrikant Lanzinger een speciaal type accordeon heeft vervaardigd die naar Novato vernoemd is.

Primož Peterka (1979–heden) Skischansspringer

Primož Peterka is een voormalig Sloveens skispringer. Hij begon zijn eerste Wereldbekerevenement op 4 januari 1996 wegens een gebrek aan Sloveense skispringers in het nationale team. Hij werd opgeroepen als vervanger en eindigde als 8e, wat als een prachtig resultaat werd beschouwd. Voor de rest van het seizoen sprong hij in grote vorm. In seizoen 96/97 won hij het prestigieuze Vierschansentoernooi alsmede zeven afzonderlijke toernooien. Op 9 februari 1997 was hij de eerste Sloveen die over de 200 meter vloog (203m). In zijn carrière won hij 15 WK-overwinningen, waardoor hij één van de meest succesvolle Sloveense atleten is.

Tina Maze (1983–heden) Alpineskiester

Tina Maze is een gerenommeerd Sloveens alpineskiester en de huidige wereldkampioen op reuzenslalom. In februari 2008 won ze in St. Moritz de eerste afdaling van haar carrière (tevens de eerste Sloveense vrouwelijke downhill overwinning ooit). Op 17 jarige leeftijd trad ze toe op het WK van 2001 en de Olympische Winterspelen van 2002. Ze begon haar carrière als een reuzenslalom specialist, maar later breidde ze dat uit naar alle disciplines. Op het WK van Val d'Isere in 2009 won Maze de zilveren medaille op de reuzenslalom. Op het WK van Garmisch-Partenkirchen in 2011 won ze de zilveren medaille op de gecombineerde en de gouden medaille op de reuzenslalom. Ze was de Sloveense vlagdraagster bij de openingsceremonie van de Olympische Winterspelen 2010 in Vancouver, waar ze twee zilveren medailles won, op super-g en de reuzenslalom. In 2005, 2010 en 2011 kreeg ze de titel van beste Sloveense vrouwelijke atlete.

3-daagse weersverwachting

Vreme

Advertenties

Advertenties